Het korte antwoord
Een kilowattuur die je zelf verbruikt, spaart je de volledige prijs van het net uit: energie, nettarieven, heffingen en btw samen. Een kilowattuur die je injecteert, brengt enkel op wat je leverancier ervoor betaalt. Bij een doorsnee Vlaams gezin met panelen ging dat in 2025 om 469 euro tegenover 107 euro.
Wat je hieronder vindt
Omdat het twee verschillende handelingen zijn. Wie zijn eigen zonnestroom verbruikt, doet een aankoop niet. Wie zijn zonnestroom injecteert, doet een verkoop. Die twee prijzen worden op een andere manier bepaald.
Wat je bij zelfverbruik vermijdt, is de volledige prijs van een kilowattuur van het net. De CREG berekent die all-in prijs maandelijks per gewest voor residentiële klanten: energiekost, netkosten, heffingen, toeslagen en btw samen. Op basis van die berekening legt de FOD Financiën per kwartaal een maximumbedrag vast voor de terugbetaling van thuisladen, met twee maanden vertraging. Voor het derde kwartaal van 2026 staat dat bedrag voor Vlaanderen op 32,22 eurocent per kilowattuur, btw inbegrepen (CREG, geraadpleegd 27 augustus 2026).
Lees dat cijfer voor wat het is: een gewestelijk gemiddelde met twee maanden vertraging, en niet het tarief in jouw contract. Wat er wel uit blijkt, is dat er in die prijs veel meer zit dan energie, en dat je precies die volledige stapel vermijdt bij zelfverbruik.
Wat je bij injectie krijgt, is wat je leverancier ervoor betaalt en niets meer. Er bestaat in Vlaanderen geen vastgesteld injectietarief: de terugleververgoeding is een prijs die elke leverancier zelf bepaalt. Eind 2025 hadden eigenaars van zonnepanelen samen 1.357 verschillende terugleveringscontracten (Vlaamse Nutsregulator, 7 mei 2026).
| Wat je vergelijkt | Zelf verbruiken | Injecteren |
|---|---|---|
| Wat je ervoor krijgt | een aankoop die je niet doet | een vergoeding die je leverancier betaalt |
| Wie de prijs bepaalt | de markt, je netbeheerder en de overheid samen | je leverancier, in je terugleveringscontract |
| Wat er in die prijs zit | energie, nettarieven, heffingen en btw | enkel de energie |
| Hoe zeker het bedrag is | het staat vast zodra je factuur er is | de vergoeding kan ook negatief worden |
De Vlaamse Nutsregulator publiceerde op 7 mei 2026 zijn prijzenrapport over 2025 en zette daar de twee bedragen zelf naast elkaar. Een doorsnee Vlaams gezin met zonnepanelen spaarde in 2025 gemiddeld 469 euro uit door gebruik van eigen zonnestroom, en ontving gemiddeld over vaste en variabele contracten heen 107 euro voor de stroom die het op het net injecteerde. De regulator voegt er één conclusie aan toe: wie actief inzet op zelfverbruik, doet meer voordeel.
Twee dingen om die bedragen goed te lezen.
Het zijn twee verschillende soorten bedragen. De 469 euro is een aankoop die niet gebeurde, met nettarieven, heffingen en btw erin. De 107 euro is een energievergoeding. Ze gaan bovendien over verschillende hoeveelheden kilowattuur. Uit die twee bedragen volgt dus geen prijs per kilowattuur en geen verhouding tussen de twee. Ze staan naast elkaar, en zo publiceert de regulator ze ook.
Het zijn cijfers over 2025, gepubliceerd in mei 2026. Ze zijn vandaag de meest recente officiële cijfers, en ze beschrijven vorig jaar.
Er is nog een tweede officieel cijfer, en dat maakt het beeld compleet. De Vlaamse overheid publiceert hoeveel van hun productie gezinnen met panelen zelf gebruiken. Een gemiddeld gezin dat niet inspeelt op zijn eigen aanbod zonnestroom levert elk jaar bijna 2.500 kilowattuur aan het net en zit op 28 procent zelfverbruik. Door toestellen die veel elektriciteit vragen rond de middag in te schakelen, kan dat tot 35 procent groeien.
Het aandeel hangt sterk af van je woning: de Vlaamse overheid onderscheidt zeven gebruiksprofielen, van 8 procent bij accumulatieverwarming op nachttarief tot 31 procent bij een gezin met een ochtendpiek. Je eigen aandeel lees je niet af. Het is je productie op de omvormer min je injectie in het portaal van je netbeheerder, gedeeld door die productie.
Vlaanderen
Een productieoverschot wordt niet langer gecompenseerd naar de digitale meter. Voor een negatief saldo dat je met een terugdraaiende teller opbouwde, krijg je vanaf 1 april 2026 geen vergoeding meer; die regeling liep tot en met 31 maart 2026. Je verkoopt je overschot sindsdien via een terugleveringscontract. Zo schrijft Fluvius het, op basis van het Verzamelbesluit.
Wallonië
De compensatie tussen afgenomen en geïnjecteerde kilowattuur loopt er verder tot 31 december 2030, voor installaties tot 10 kW die vóór 1 januari 2024 gekeurd werden. Ze geldt enkel op het energiedeel van je factuur; wie er een meter met aparte registratie van afname en injectie heeft, betaalt zijn nettarieven op wat hij werkelijk van het net haalt. Zo staat het bij de CWaPE.
Dat verschil is groter dan het lijkt. In Vlaanderen is de waarde van je zonnestroom een kwestie van timing geworden: wat je niet op het juiste moment gebruikt, verkoop je tegen de prijs van je leverancier. In Wallonië hangt ze nog grotendeels aan de datum waarop je installatie gekeurd werd.
Wat een kilowattuur je waard is, hangt af van je meter en je terugleveringscontract. Vier gevallen komen vandaag in Vlaanderen voor.
Als
je een digitale meter hebt en een variabel terugleveringscontract
Dan zit je winst in het moment waarop je verbruikt, niet in het volume dat je injecteert. Een negatieve vergoeding geldt hier voor je volledige injectie in die maand of dat kwartaal.
Dit is het gewone geval: 9 op 10 prosumenten hadden in 2025 een variabel terugleveringscontract.
Als
je een digitale meter hebt en een dynamisch terugleveringscontract
Dan betaal je enkel voor de injectie in de uren met een negatieve prijs. Door je verbruik doorheen de dag aan te passen, kan je die uren grotendeels ontwijken.
In 2025 waren er 520 uren met een negatieve prijs, ongeveer zes op de honderd uren van het jaar.
Als
je nog een klassieke meter met een terugdraaiende teller hebt
Dan wordt je overschot op je factuur weggeteld in plaats van uitbetaald, en betaal je daarnaast het prosumententarief. Met een digitale meter betaal je dat prosumententarief niet.
Eigenaars van zonnepanelen zijn sinds 2025 verplicht een digitale meter te laten plaatsen, en dat is niet uit te stellen.
Als
je nog een negatief saldo van een terugdraaiende teller had staan
Dan levert dat saldo niets meer op. Wat je vandaag met je panelen doet, is dus volledig een kwestie van zelf verbruiken of verkopen.
Volgens Fluvius geldt de oude regeling tot en met 31 maart 2026; wie zijn digitale meter eerder kreeg, zag zijn saldo nog administratief overzetten.
Meer zelf verbruiken verandert je verbruiksprofiel.
Dan is het de moeite je contract opnieuw te laten bekijken. June vergelijkt elke maand 17+ leveranciers en zoekt het contract dat bij je werkelijke verbruik past.
Wij regelen het. Jij bespaart. Geen gedoe.
Ja, en in 2025 gebeurde dat vaker dan in 2024. Bij een negatieve terugleververgoeding betaal je voor de stroom die je op het net zet, in plaats van er iets voor te krijgen. Dat is geen theoretisch geval en de regulator heeft het geteld.
Bij 84 variabele terugleveringscontracten betaalden gezinnen in 2025 in minstens één maand voor hun teruglevering. Bij 15 van die contracten was de prijsformule zo nadelig dat een doorsnee gezin met zonnepanelen over heel 2025 moest betalen voor zijn geïnjecteerde stroom. In totaal betaalden naar schatting bijna 29.000 prosumenten in minstens één maand voor hun teruglevering. Dat is een pak meer dan in 2024, en het blijft een klein deel van alle prosumenten met een digitale meter (Vlaamse Nutsregulator, 7 mei 2026).
Wat het verschil maakt tussen die twee contracttypes, is niet de hoogte van de vergoeding maar de periode waarover ze geldt. Eén slechte formule kost je bij een variabel contract een heel kwartaal en niet een paar uren.
Vertaald naar je situatie: elke kilowattuur die je zelf gebruikt, is een kilowattuur die je niet tegen een negatieve prijs op het net zet. Zelfverbruik is de bestemming waarvan de opbrengst in de praktijk niet onder nul gaat, ook niet bij een variabel contract.
Alleen wanneer ze een afnamepiek wegnemen. Dat is een punt dat vaak omgekeerd gelezen wordt, en het staat expliciet bij de regulator.
Het capaciteitstarief hangt aan je maandpiek: de hoogste gemiddelde hoeveelheid elektriciteit die je in vijftien minuten van het net afnam. Voor die berekening tellen alleen je afnamepieken. Je injectiepieken tellen niet mee (Vlaamse Nutsregulator, geraadpleegd 27 augustus 2026).
Concreet: op een zonnige dag om twaalf uur kunnen je panelen je afname bijna op nul zetten, en dan verlagen ze de piek van dat kwartier wel. Om zeven uur 's avonds, wanneer je kookt en je wagen aan de lader hangt, doen ze dat niet. Veel injecteren verlaagt je capaciteitstarief dus niet; verbruik verschuiven naar de productie-uren doet dat wel, en het verhoogt tegelijk je zelfverbruik. De regulator schrijft het zelf zo: met een hoog zelfverbruik kan je je hoogste pieken in zonnige maanden afvlakken.
De bedragen erbij, zodat je kan inschatten wat er te winnen valt. Voor 2026 is de gemiddelde kostprijs van één kilowatt ongeveer 53,39 euro per jaar zonder btw, of 4,45 euro per maand, en dat bedrag kan verschillen per netbeheerder. De gemiddelde maandpiek van een Vlaams gezin ligt op 4,24 kW. Let wel op de ondergrens: iedereen betaalt minstens een bijdrage ter hoogte van een piek van 2,5 kW, dus onder die 2,5 kW levert verder verschuiven niets meer op aan je capaciteitstarief.
Wat volgt is redenering op de cijfers hierboven en geen voorschrift van de regulator. Drie dingen bepalen samen hoeveel van je productie in je eigen huis blijft.
Verschuif wat verschuifbaar is naar het midden van de dag. De regulator stelt de vraag zo: heb je toestellen waarvan het voor jou niet uitmaakt wanneer ze werken? Zoals de wasmachine, de vaatwasser of de droogkast. Je hoeft je routine niet om te gooien: laat de techniek het werk doen met de uitstelknop of een tijdschakelaar op het stopcontact.
Meet eerst, verschuif daarna. In de gratis toepassing van je netbeheerder vind je je verbruik per kwartier en je maandpieken terug. Zonder die cijfers verschuif je toestellen die weinig uitmaken en laat je het echte piekmoment staan. Zie je je kwartierverbruiken niet, dan moet je ze daar eerst activeren.
Kijk ook naar je terugleveringscontract. Er blijft altijd een overschot dat je injecteert, en je contract bepaalt wat dat overschot waard is.
Wat de regulator er zelf uit besluit, blijft bescheiden: wie actief inzet op zelfverbruik, doet meer voordeel. Dat je afnamecontract daarmee zwaarder weegt dan je terugleververgoeding, is onze redenering en niet die van de regulator. Je kwartierverbruiken en je injectie vind je gratis bij je netbeheerder; wil je je contract laten opvolgen én die meetgegevens in één overzicht, dan is dat June Premium.
Zoveel als een kilowattuur van het net je kost, want die aankoop doe je dan niet. Als richtbedrag: de FOD Financiën leidt uit de all-in berekening van de CREG per kwartaal een referentiebedrag af voor de terugbetaling van thuisladen, en voor Vlaanderen stond dat in het derde kwartaal van 2026 op 32,22 eurocent per kilowattuur, btw inbegrepen. Dat is een gewestelijk gemiddelde met twee maanden vertraging, het wijzigt elk kwartaal, en het is niet het tarief in je eigen contract.
Wat krijg ik voor een kilowattuur die ik injecteer?Wat je leverancier ervoor betaalt. Er is in Vlaanderen geen vastgesteld injectietarief: de terugleververgoeding staat in je terugleveringscontract en elke leverancier bepaalt ze zelf. Eind 2025 bestonden er 1.357 verschillende terugleveringscontracten.
Kan mijn terugleververgoeding negatief worden?Ja. Bij 84 variabele contracten betaalden gezinnen in 2025 in minstens één maand voor hun teruglevering, en bij 15 daarvan moest een doorsnee gezin met panelen over heel 2025 betalen. Naar schatting bijna 29.000 prosumenten betaalden in minstens één maand.
Verlagen mijn zonnepanelen mijn capaciteitstarief?Enkel wanneer ze een afnamepiek wegnemen. Voor het capaciteitstarief tellen alleen je afnamepieken; je injectiepieken tellen niet mee. Veel injecteren verlaagt je capaciteitstarief dus niet.
Betaal ik nog een prosumententarief?Met een digitale meter niet. Dat tarief geldt voor wie zonnepanelen én een terugdraaiende teller heeft, dus voor wie nog een klassieke meter heeft. Eigenaars van zonnepanelen zijn sinds 2025 verplicht een digitale meter te laten plaatsen.
Geldt dit ook in Wallonië?Niet op dezelfde manier. In Wallonië loopt de compensatie tussen afgenomen en geïnjecteerde kilowattuur verder tot 31 december 2030, voor installaties tot 10 kW die vóór 1 januari 2024 gekeurd werden. Ze geldt daar enkel op het energiedeel van je factuur, en hoe je nettarieven berekend worden hangt er af van je meter en je keuringsdatum.
Je zelf verbruikte zonnestroom is je afnametarief waard.
June volgt elke maand op of je contract nog het voordeligste is voor jouw verbruik, en wisselt als het beter kan.
Behalen we geen besparing? Dan ontvang je een tegoed van €119.
Bronnen